Kijk omhoog

Column

Auteur: Ayaan Abukar

Met een zak Syrische falafel en wraps zitten we aan de Stopera Pier, aan de zijkant van het Waterlooplein, te wachten op de boot. Op de agenda staat de Black Heritage Tour van Jennifer Tosch, een rondvaart langs de sporen van de slavernij in Amsterdam. Mijn collega en ik hebben deze bijzondere kennismaking met de stadsgeschiedenis speciaal voor onze New Yorkse gasten geboekt.

De Bahamaans-Amerikaanse conceptuele kunstenaar Tavares Strachan en zijn zakenmanager Aristotle ‘Ari’ Burrow zijn overgekomen voor een bliksembezoek aan Felix Meritis. De eindbestemming van hun reis is de historische Zuilenzaal, op de tweede verdieping van het iconische gebouw aan de Keizersgracht, waar Strachan te gast zal zijn in het nieuwe programma Full Circle. Op hun verzoek organiseren we een aantal ontmoetingen in de stad; hij wil Amsterdam even zien, ruiken en proeven voordat hij het podium betreedt. Het Stedelijk en het Rijksmuseum hebben we al aangedaan.

Een zachte, diepe stem haalt ons uit onze concentratie, terwijl we met de overheerlijke mengeling van Arabische sauzen bezig zijn. ‘Komen jullie voor de tour?’ Ik kijk omhoog en zie een elegant geklede zwarte vrouw naast ons staan. Onze gids, Jennifer Tosch, is precies op tijd.

We stappen na enkele minuten op de voor ons gehuurde boot, die ons over de golven van de Amstel draagt, onder de warme stralen van de lentezon. We verlaten de pier en varen onder de Halvemaansbrug door, om uit te komen bij het water van het Rokin. Jennifer heeft zichzelf intussen voorgesteld, als dochter van Surinaamse ouders, geboren in the Big Apple en al dertig jaar in Nederland wonend.

Ze vertelt de verzwegen verhalen van zwarte mensen in Amsterdam. ‘De slavernijgeschiedenis wordt ons voorgehouden als iets wat ver weg heeft plaatsgevonden’, zegt ze, terwijl we voorbij de eerste grachtenpanden varen. ‘Kijk omhoog.’ Met haar hand wijst ze telkens naar de zichtbare beelden van zwarte mensen die in de zeventiende en achttiende eeuw, ver van huis, gedwongen bij hun witte ‘meesters’ moesten verblijven – ze staan op de gevels van de deftige grachtenpanden als versieringen en als teken van de verdiende welvaart van de eigenaar.

We weten weinig over wie die zwarte mensen waren, vertelt de gids, en dat in een stad die elke splinter geschiedenis als voetnoot heeft opgeslagen, die alles op schrift heeft gesteld. De geesten van deze verhalen zweven boven het donkere water van de grachten. De historie van Amsterdam is door de overheersers selectief opgetekend – ze lieten ons achter met fragmenten, puzzels en blanco hoofdstukken over deze groep inwoners.

In hoog tempo verwerken we de verhalen van Jennifer, de ene vertelling volgt de andere alweer op. Onze gasten voelen zich ietwat overdonderd; we vragen de kapitein af en toe langzamer te varen. Jennifer geeft ons korte pauzes om even diep en rustig dóór te ademen.

De rest van de tour gaat langs de Heren-, Prinsen- en Keizersgracht, langs de woon- en werkadressen van de koopmannen die hun rijkdom aan de slavenhandel te danken hadden. ‘Kijk naar de hoofdingang van het gebouw’, zegt Jennifer, ‘en kijk omlaag, naar de ingang van de kelder, die lager dan de hoofdingang is. Weten jullie waarom?’ Ari en Tavares raden het vlug: je moest als bediende met gebogen hoofd naar binnen, vernederd, als blijvende herinnering aan je positie in het huishouden.

Na een uur is de reis afgerond. We zitten roerloos op de achterkant van de boot, zichtbaar emotioneel – de tranen in stilte weggepinkt. Het meest aangrijpend is het feit dat we de verhalen van deze mensen waarschijnlijk nooit zullen kennen: uit de verslaglegging geweerd en tot vergetelheid gedoemd. Hoe nu verder? Jennifer heeft er gelukkig onderzoek naar gedaan en dat blijft ze doen. Het is onze maatschappelijke plicht om deze verhalen naar het heden terug te brengen. De gezichten zijn herkenbaar, nu nog de verhalen van achter de gevels.

Friends of Felix

Tijdens onze programma’s in Felix genieten we niet alleen van de mensen op het podium, maar ook van de mensen in de zaal: ons publiek. Wie zijn deze mensen? Wat heeft hen hier bij ons gebracht? Zijn het vreemden of bekenden? Wat doen ze in het dagelijks leven? Iedereen heeft een eigen verhaal en in deze nieuwe rubriek willen wij met hen het gesprek aangaan om hun verhalen naar buiten te kunnen brengen! Na hun bezoekje aan Felix zijn het ook zeker geen vreemden meer, maar vrienden: Friends of Felix!

“In december reisde ik af naar Glasgow om er een aantal van mijn favoriete punkbands te zien. Tijdens de show van de Londense punkband Chubby and the Gang droeg de vocalist een liedje aan me op, want hij vond dat er geen plek was bij zijn optreden voor discriminatie of xenofobie. Dit verbroederende gebaar van hem bevestigde nogmaals waarom ik zo verliefd kan zijn op punk.”

Gesproken met Süeda Işık | 20’ers-dilemma: What do you meme? | 24 februari 2022 | Fotografie door Aaltsje Hoekstra

“Ik kom net terug uit Ecuador. Ik ben vanmiddag geland en nu zit ik hier in Felix! Ik heb daar gereisd en ook vrijwilligerswerk gedaan in een dierencentrum in de Amazone. Daar worden dieren gered die slachtoffer zijn geworden van ontbossing en vooral ook van de huisdierenindustrie. Wat ik daar heb geleerd is dat ik het heel bijzonder vind hoe je op die manier, door daar te werken, zoveel leert over dieren en over hoe verschillend dieren zijn als individu en dat je ze niet over één kam kunt scheren. Achter elk dier zitten zoveel emoties en trauma’s en er bestaan zoveel vriendschappen tussen mensen en dieren. Ik heb enorm veel geleerd over die emoties en gevoelens die er dus toch schuilgaan achter andere organismen dan mensen. Het is me echt duidelijk geworden dat we daar als mensheid misschien wat meer over na mogen denken in onze omgang met dieren.”

– Gesproken met Olga

“Ik woon nu sinds een jaar in Haarlem. Ik had nooit verwacht dat ik hier zou komen te wonen, want oorspronkelijk kom ik uit Deventer. Mijn vriendin komt uit Amsterdam en eerst hebben we samen nog een half jaar in Amsterdam gewoond. Daarna zijn we naar Haarlem verhuisd en voor mij is dat om meerdere redenen wel heel interessant. Ik zit namelijk in de muziek; ik schrijf toplines, dus ik schrijf teksten van nummers, die zing ik in en daarna produceer ik het nummer zelf en voor die nummers probeer ik dan producers te vinden die het nummer afmaken. De muziekwereld speelt zich nu eenmaal vooral in het westen van het land af, dus wat dat betreft was Deventer ook minder handig om te wonen. Daarnaast woon ik, nu we in Haarlem wonen, heel dichtbij het strand, wat wel grappig is, want ik heb natuurlijk nooit dicht bij het strand gewoond. Dat was altijd een hele onderneming! En nu kunnen we zelfs fietsen, haha. Ik heb me wel altijd thuis gevoeld aan deze kant van het land, omdat het hier zo leeft. Los van de muziek gebeurt hier gewoon onwijs veel!”

Gesproken met Jorik

“Ik maak veel programma’s, waaronder het programma van vandaag, de Grote Filterbubbelshow. Het onderwerp had ik deze keer niet zelf bedacht, maar ik vond het onwijs leuk en interessant toen ik me erin begon te verdiepen en de uitvoering was heel geslaagd; de gasten gingen echt met elkaar in gesprek en dat ging heel organisch! Ik ben heel tevreden. Toch is het naast het maken van toffe programma’s ook wel heel lekker om af en toe een vrije dag te hebben. Meestal neem ik mezelf dan voor om, als ik eenmaal uit bed ben, de hele dag lekker niets te doen en een filmpje op de bank te kijken, maar meestal beland ik toch weer bij vrienden en ben ik pas diep in de nacht weer thuis. Voorheen gingen we dan vaak naar clubs als Bitterzoet, maar nu door corona merk ik dat ik toch wat meer terugval op mijn eigen filterbubbel: vaak vinden we via via of online een leuke plek om de avond door te brengen en dan blijkt ongeveer iedereen uit mijn netwerk daar te zijn! Daarnaast ga ik ook soms gewoon lekker eten, kletsen en wijntjes drinken met vrienden op vrije avonden.”

Gesproken met Luka

“Mijn zus en ik hebben een bijzondere relatie, want we zijn even oud, maar geen tweeling. We hebben namelijk dezelfde vader en onze moeders, die toen een relatie hadden, waren vrijwel tegelijk zwanger. Als kind vroegen mensen heel vaak of ik misschien een maand later uit de buik was gekomen dan Luce, of dat er iets mis was gegaan bij de zwangerschap, omdat ze dachten dat we een tweeling waren. Ze begrepen het niet en vroegen zich vaak af hoe het nou kon dat we een maand leeftijdsverschil hebben. Op vakantie zei mijn moeder ook vaak dat we een tweeling waren, omdat de uitleg langer duurde. Zelfs mijn eigen vrienden vergeten soms hoe het ook al weer zit tussen mijn zus Luce en mij. Het is misschien gek, maar

ik vind het heel fijn. Luce voelt ook echt als een tweelingszus. Niet als een ‘gewone’ zus en al helemaal niet als een halfzus. We zijn natuurlijk ook altijd samen geweest. Nu is dat helaas wel anders, maar het zit nog steeds altijd goed als we samen zijn. Ik ken haar zo goed, ik begrijp alle kleine dingetjes van haar. Dat vind ik heel fijn. Ook al zie ik haar maar één keer per maand, ik ben wel heel dankbaar dat onze band nog steeds zo sterk is. Ik denk echt dat het heeft geholpen dat onze moeders ons behandelden als een tweeling –of een ‘halfling’ zoals mijn moeder ons vaak noemde. Ik vind het heel fijn om te kunnen benoemen dat wij zo een unieke relatie hebben!”

Gesproken met Luna